Meldpunt ouderenmishandeling


Het is misschien moeilijk te geloven, maar in Nederland wordt zeker een op de twintig ouderen mishandeld. En de mensen die het doen, staan vaak heel dichtbij. Het is de partner, het zijn kinderen of kleinkinderen, mantelzorgers, professionele verzorgers of verpleegkundigen. Vaak gebeurt ouderenmishandeling omdat iemand de zorg voor een oudere niet meer aan kan. Daarom gaat het steunpunt zeer zorgvuldig en begripvol met meldingen aan de slag.


Mishandeling van ouderen komt voor in allerlei vormen: lichamelijke mishandeling, uitschelden, treiteren of bedreigen, seksueel misbruik, verwaarlozing, uitbuiting of de oudere krijgt niet waar hij recht op heeft. De verzorger houdt bijvoorbeeld de post achter, de oudere mag geen bezoek krijgen of hij wordt opgesloten.


Zorgvuldige aanpak


Het steunpunt wil ouderenmishandeling voorkomen en stoppen. Het is belangrijk dat omstanders vermoedens van ouderenmishandeling melden. De slachtoffers hebben hier zelf vaak de kracht niet meer voor.


Er zijn drie soorten meldingen mogelijk:

  • ter registratie: het steunpunt neemt geen actie;
  • ter consultatie: het steunpunt spreekt met de melder de mogelijkheden door, maar onderneemt vooralsnog niets;
  • om op te pakken: het steunpunt gaat de zaak eerst onderzoeken en bespreekt vervolgens mogelijke acties met de melder. Dit om de eventuele gevolgen voor de melder eerst in kaart te kunnen brengen. Na deze afstemming gaat het steunpunt tot actie over.


Met de melder wordt afgesproken op naam van wie de melding wordt geregistreerd. Dit om te voorkomen dat een melding risico’s tot gevolg heeft voor de melder.